Praktisch & Duurzaam Wonen

Binnenkort betaalt de overheid mee aan je ventilatie

· 5 min leestijd

Je hebt waarschijnlijk vooral de spouwmuurisolatie of een nieuwe warmtepomp op je radar staan als het om subsidie gaat. Maar vanaf 1 januari 2026 komt daar een nieuwe categorie bij die bijna niemand nog kent: ventilatie. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voegt ventilatiesystemen toe aan de ISDE-regeling, met een vast bedrag van 400 euro per woning. Weinig mensen weten dit al, dus je hebt nu een voorsprong op de rest van de straat.

Waarom ventilatie nu ineens geld waard is

Jarenlang kreeg je subsidie voor isoleren, warmtepompen en zonneboilers, maar niet voor het systeem dat ervoor zorgt dat je huis ook gezond blijft nadat je het hebt dichtgetimmerd. Dat is opvallend, want hoe beter je isoleert, hoe minder je huis zichzelf ventileert via kieren en spleten. Veel woningen uit de jaren tachtig en negentig zijn inmiddels zo goed nageïsoleerd dat er structureel te weinig frisse lucht naar binnen komt. Vochtplekken, schimmel en een hoog CO2-niveau in slaapkamers zijn daar het directe gevolg van.

Met de nieuwe regeling erkent de overheid dat probleem. Wie net een isolatiesubsidie heeft aangevraagd, kan nu een vervolgstap zetten en ook de ventilatie op orde brengen, met een deel van de kosten vergoed.

Dit krijg je, en onder deze voorwaarden

Je krijgt eenmalig 400 euro subsidie voor een ventilatiesysteem, maar niet zomaar. De belangrijkste voorwaarden:

  • Je bent eigenaar en bewoner van de woning.
  • De ventilatiemaatregel wordt gecombineerd met minstens één isolatiemaatregel waarvoor je ook ISDE-subsidie aanvraagt.
  • Een erkend installateur voert de installatie uit.
  • Je vraagt de subsidie aan binnen 24 maanden na de isolatiemaatregel.
  • De installatie vindt plaats op of na 1 januari 2026.

Die koppeling met isolatie is de reden waarom je dit niet als losse aanvraag kunt indienen. De overheid wil voorkomen dat mensen alleen een ventilatiesysteem plaatsen zonder ook de schil van hun huis te verbeteren, want dan haal je bij beide maatregelen amper rendement.

Welk systeem voldoet eigenlijk

Niet elk ventilatierooster komt in aanmerking. Voor centrale balansventilatie met warmteterugwinning, een WTW-unit, geldt een minimaal rendement van 85 procent bij een capaciteit van 125 kubieke meter per uur. Decentrale WTW-units, de kleinere units per kamer, moeten minstens 80 procent rendement halen bij een capaciteit van 80 kubieke meter per uur. Ook vraaggestuurde mechanische ventilatie met CO2-sturing kan in aanmerking komen.

Vraag je installateur altijd om het certificaat dat het rendement aantoont, want zonder dat bewijs wijst RVO je aanvraag af. Op de RVO-website staat de volledige lijst met technische eisen per systeemtype.

Waarom dit precies nu relevant wordt

De timing is niet toevallig. Nederlandse woningen moeten de komende jaren steeds beter geïsoleerd worden, onder meer door strengere energielabel-eisen. Milieu Centraal waarschuwt al langer dat goed geïsoleerde maar slecht geventileerde huizen een vochtprobleem in de maak zijn. Milieu Centraal noemt dagelijks en continu ventileren, ook in de winter, de enige manier om schimmel en een te hoge CO2-concentratie te voorkomen.

Wie nu al nadenkt over een hybride warmtepomp of een volgende stap in verduurzaming, doet er goed aan ventilatie in hetzelfde traject mee te nemen. Je combineert dan isolatie, verwarming en ventilatie in één aanvraagronde en voorkomt dat je straks in een dichtgetimmerd maar benauwd huis zit.

Wat een WTW-systeem oplevert naast de subsidie zelf

De 400 euro is mooi, maar niet de hoofdreden om dit te doen. Een balansventilatiesysteem met warmteterugwinning haalt warmte uit de lucht die je huis verlaat en gebruikt die om de verse buitenlucht die naar binnen komt voor te verwarmen. Daardoor verlies je in de winter veel minder stookwarmte dan bij een rooster dat gewoon koude buitenlucht naar binnen laat stromen. Installateurs rekenen vaak met een besparing van 150 tot 300 euro per jaar op de stookkosten, afhankelijk van het formaat van de woning en het isolatieniveau.

Daar komt bij dat je slaapkamer 's ochtends niet meer aanvoelt als een afgesloten doos. Een CO2-sensor in veel moderne systemen regelt de ventilatie automatisch op, afhankelijk van hoeveel mensen er in een kamer zijn en hoe vol de lucht raakt. Dat merk je vooral in kleinere kinderkamers, waar het CO2-niveau 's nachts snel kan oplopen zonder dat je het doorhebt.

De terugverdientijd van het hele systeem, inclusief aanschaf en installatie, ligt meestal tussen de zes en tien jaar, afhankelijk van de grootte van je woning en het type unit. Met de subsidie erbij valt die periode een stuk korter uit.

Dit is het moment om je installateur te bellen

Vraag eerst bij je installateur na of het systeem dat hij aanbiedt daadwerkelijk aan de rendementseisen voldoet, voordat je iets laat plaatsen. Bewaar alle facturen en certificaten, want RVO vraagt daar bij de aanvraag om. En plan de installatie pas na 1 januari 2026, want alles wat eerder gebeurt telt niet mee.

Heb je het afgelopen jaar al isolatiemaatregelen laten uitvoeren? Dan heb je nog 24 maanden de tijd om ook de ventilatie te regelen en die 400 euro alsnog binnen te halen. Net als bij een thuisbatterij geldt hier: wie dit nu goed plant, profiteert het meest van een regeling die over een paar jaar waarschijnlijk weer verandert.

Vraag altijd meerdere offertes op voordat je tekent. De prijzen tussen installateurs lopen flink uiteen, en niet elke aanbieder is even scherp op het verschil tussen de 85 procent-eis voor centrale systemen en de 80 procent-eis voor decentrale units. Een installateur die daar vaag over doet, laat je waarschijnlijk ook met een aanvraag zitten die RVO afwijst. Neem de tijd, vergelijk minstens twee partijen, en reken de 400 euro pas mee zodra je de offerte en het bijbehorende rendementscertificaat zwart op wit hebt.

L
Geschreven door Lara Visser Interieur redacteur

Lara studeerde interieurarchitectuur en werkte bij een groot architectenbureau voordat ze voor zichzelf begon als interieurstylist, omdat ze merkte dat ze het meeste energie kreeg van het persoonlijk maken van ruimtes. Ze schrijft over eetkamers, woonkamers en slaapkamers met een oog voor harmonie en sfeer, en ze kan een ruimte binnenlopen en binnen dertig seconden vertellen wat er mist. Haar cliënten noemen haar een ruimtefluisteraar, een bijnaam die ze stiekem geweldig vindt. Ze gelooft dat elk interieur een verhaal vertelt en dat het haar taak is om ervoor te zorgen dat dat verhaal klopt met wie je bent. Als ze niet aan het stylen is, verzamelt ze vintage vazen op rommelmarkten, een hobby die langzaam uit de hand loopt.